Open Brief van Toon Naber
Het leven trekt als snelle etappes aan je voorbij.
Zo sta je als horeca-broekie aan de start van je eerste Tour Culinair en voordat je er erg in hebt, overweeg je om, 21 tours later, je lidmaatschap van dit illustere gezelschap op te zeggen.
In de Tourvrienden- klassering ben ik langzaam opgeschoven naar de top 10. Voor velen van jullie nog een onbereikbare doelstelling.
Dat is een kwestie van gezond blijven, jaarlijks de Tour Culinair onwrikbaar in je agenda noteren en braaf de uitgezette tochten uitrijden.
In het begin lukte dat prima zonder dat je daar noemenswaardig voor hoefde te trainen. Die twee, soms drie dagen kwam je als 30- of 40-jarige met zere billen, stramme kuiten, brandende handen en een stijve nek wel door.
En die ontberingen waren maar een klein offer in ruil voor de ruimschoots aanwezige gezelligheid, humor, mooie routes, originele stopplaatsen en overvloedig met wijn besproeide malen. Maar nu als eind-vijftiger is dat anders. Ieder jaar neem ik me weer voor om tijdig te gaan trainen. Mijn Ridley krijgt een voorjaarsbeurt en reikhalzend kijk ik uit naar een vrije dag die geschikt is om kilometers te maken.
Langzamerhand heb ik me neergelegd bij het feit dat ik van de kwalificatie "sportief" naar "(recre)actief" ben geschoven. Durfde ik vroeger nog te trainen met fietsmaten waarbij ik net amechtig in het wiel kon blijven, nu is mijn echtgenote Eugenie de ideale sparring-partner. Ze fietst me met regelmaat het snot voor de ogen (vooral als het omhoog gaat) maar weet tactisch ook nog genoeg momenten te creëren dat ik de illusie heb de sterkste renner te zijn.
We fietsen, mountainbiken en bergwandelen met regelmaat, maar echt trainen kun je dat niet noemen.
In maart en april maak ik me doorgaans nog geen zorgen, maar wordt het mei dan slaat de Tour Culinair-stress al langzaam toe.
Tot mijn schrik zie ik dan dat op potentiële fietsdagen mijn agenda al volstaat met allerlei werk- en familieverplichtingen. En het weer werkt ook nooit mee. Als je kunt fietsen klettert de regen tegen de ruiten, en als je naar een verjaardag of vergadering moet dan baal je van het mooie weer.
In juni slaat meestal de paniek toe. Dan heb ik een keer of vijf gefietst en is mijn langste tocht 40-50 km geweest.
Sowieso heb ik al niets met afstanden boven de 75 km. Dan komt er bij mij altijd een moment dat ik denk: "waarom doe ik dit ?". En boven de 100 km kom ik regelmatig in de verleiding om mijn fiets te verkopen voor een bedrag waarvoor ik de taxi naar huis kan nemen.
En zie ik normaal al op tegen twee dagen 125 km. Dit jaar is de jubileum tocht toch echt drie maal 130 km !
Ik heb in ieder geval besloten dat de komende tour mijn laatste zal zijn. De afgelopen 2 jaar heb ik helaas door een sterfgeval en een gebroken enkel moeten verzaken.
Begin juni hak ik de knoop definitief door of ik me fit genoeg acht om 390 km in drie dagen te fietsen.
Ik hoop van wel, maar ik ga niet drie dagen als een dweil voor de volgwagen hangen of afhankelijk zijn van welwillende duwtjes of zuigend kopwerk.
Dus jullie merken wel of ik afscheid neem met 21 of 22 tours op mijn naam.
Maar die waren dan ook fantastisch.
Overal geweest; alles meegemaakt.
En 9 jaren gediend als Toursecretaris.
Tijd voor nieuwe jonge leden die voor onze branche op de fiets willen netwerken en betekenis hebben voor de sponsoren.
Toon Naber













